Grotius

Hugo de Groot wordt in 1583 in Delft geboren. Al snel verbaast hij iedereen met zijn intelligentie en kennis. Al op 11-jarige leeftijd wordt hij toegelaten tot de Universiteit van Leiden om rechten te studeren. Vijf jaar later behaalt hij zijn doctorstitel. Hugo wordt beschouwd als één van de grondleggers van het Volkenrecht, het Internationaal Recht. Tot zijn beroemdste werken behoren ‘Mare Liberum’ (over het recht van de vrije zee) en “De Iuri Belli ac Pacis” (over het recht van oorlog en vrede).

Religieus meningsverschil

Tijdens het Twaalfjarig Bestand (1609-1621) in de Nederlandse Opstand laait een religieus meningsverschil tussen Remonstranten, aanhangers van professor Arminius (rekkelijken), en Contra-Remonstranten, aanhangers van professor Gomarus (preciezen), steeds hoger op. Er breken ernstige rellen uit tussen beide partijen. Prins Maurits en zijn leger krijgen grote bevoegdheden om de orde te handhaven. Er wordt een kerkvergadering belegd. Tijdens de Synode van Dordrecht in 1618 wordt bepaald dat het rekkelijke standpunt verwerpelijk is en verboden wordt. De remonstrantse leden van de Staten van Holland worden meteen gevangen genomen. Johan van Oldenbarnevelt (de landsadvocaat), Hugo de Groot (pensionaris van Rotterdam), Rombout Hogerbeets (pensionaris van Leiden en Gilles van Ledenberg (secretaris van Utrecht): allemaal verdwijnen ze in de gevangenis.

Levenslange opgesloten in Staatsgevangenis Loevestein

Na een half jaar voorarrest worden de vonnissen geveld: Van Oldenbarnevelt krijgt de doodstraf en wordt in 1619 onthoofd. De Groot en Hogerbeets worden tot levenslange gevangenisstraf veroordeeld en naar Slot Loevestein overgebracht. Van Ledenberg wacht niet op zijn vonnis: hij neemt zijn eigen leven.

Tijdens zijn gevangenschap leest Hugo de Groot veel. Stapels boeken worden gebracht en gehaald in een grote kist. Bij elke levering wordt deze kist door bewakers goed gecontroleerd. Er mogen alleen boeken in zitten. Maar omdat de bewakers nooit iets verdachts vinden, kijken ze na een poosje niet meer zo vaak in de kist. Maria van Reigersberg, zijn vrouw, en hun dienstmeisje Elsje bedenken een list.

De beroemdste ontsnapping

Op 22 maart 1621 vlucht Hugo de Groot in de boekenkist uit Loevestein. Hij vermomt zich bij de familie Daetselaar in Gorcum als metselaar en ontvlucht de stad. Hugo gaat naar Parijs en richt, gesteund door de koning van Frankrijk, een verzoek aan de Staten van Holland om zijn vrouw en kinderen ook naar Frankrijk te laten vertrekken. Dit verzoek wordt ingewilligd, op voorwaarde dat De Groot nooit meer in Nederland terugkomt. In 1634 wordt Hugo de Groot benoemd tot ambassadeur voor de koningin van Zweden in Frankrijk. In 1645 lijdt zijn schip op een terugreis uit Zweden schipbreuk. Hugo overleeft deze ramp niet en sterft in Rostock (Duitsland). Hij ligt begraven in de Nieuwe Kerk in Delft.

Tentoonstelling

In 2021 was het 400 jaar geleden dat Hugo de Groot (1585-1645) ontsnapte uit Loevestein. Zijn ontsnapping is wereldberoemd. Veel minder bekend maar van veel groter belang is het gedachtegoed dat hij naliet. Zijn ideeën over vrede, vrijheid en recht veranderden de wereld. Ter ere van het jubileum is een tentoonstelling samengesteld.